Goede ventilatie in de klas maakt meer verschil dan je denkt

maandag 26 oktober 2026

Sinds de coronapandemie weet iedereen dat ventilatie in klaslokalen belangrijk is. Maar hoe groot is het verschil tussen een slecht en een goed geventileerd lokaal eigenlijk? TNO meette het na: zonder goede ventilatie blijven deeltjes urenlang in de lucht hangen, met een goed systeem kan de ruimte binnen twintig à dertig minuten weer schoon zijn. Scholen kunnen ook zelf nagaan of hun ventilatie op orde is. Onderzoeker Anneloes de Lange vertelt erover op het Duurzame & Gezonde Scholen Congres op 4 november.

Urenlang zweven, of binnen een half uur weg

TNO deed metingen in een stuk of tien scholen, voor en na een aanpassing van het ventilatiesysteem waarbij een nieuw mechanisch ventilatiesysteem werd aangelegd. Het verschil was groot. “In de oude situatie verdwijnen deeltjes (met dichte deuren en ramen) vaak überhaupt niet uit het klaslokaal”, zegt De Lange. “Die blijven gewoon urenlang rondzweven en er gebeurt helemaal niks. Met een goed ventilatiesysteem is een ruimte over het algemeen binnen twintig à dertig minuten weer schoon.”


 ‘Deeltjes blijven gewoon urenlang rondzweven’

Ook de luchtverdeling in de klas speelt een rol. Bij te weinig ventilatie hopen deeltjes zich op in een bepaald deel van het lokaal. “Dat betekent dat de kinderen die daar zitten veel meer risico lopen op een infectie. Als iemand besmettelijk is, blijfven ziektekiemen het heel lang in die omgeving dwarrelen. Met goede ventilatie wordt het snel verspreid en afgevoerd, en wordt de totale kans op overdracht van ziekten veel kleiner.”

Wel plaatst De Lange een kanttekening. Elk virus gedraagt zich anders, dus één op één vertalen naar bijvoorbeeld corona of griep is lastig. “Je kunt niet direct zeggen dat het effect heeft op de gezondheid, daarvoor zijn extra studies nodig. Maar dat ventilatie een groot effect heeft op hoe snel een ruimte schoon is, dat zie je heel goed.”

Zelf je ventilatie beoordelen

Het doel was nadrukkelijk om het onderzoek praktisch bruikbaar te maken. “We hebben geprobeerd om er handelingsperspectief uit te halen, zodat scholen er zelf iets mee kunnen en het niet alleen een wetenschappelijk verhaal blijft.”
Daarom ontwikkelde TNO een methodiek op basis van de CO₂-sensor die in de meeste klaslokalen aanwezig is. De bekende stoplichten op zo’n sensor zijn volgens De Lange niet optimaal. “Als je kortdurend boven een bepaalde waarde zit, hoeft dat niet per se een risico of slecht te zijn.” Met een stappenplan vanvijf stappen kan een school zelf inschatten of de ventilatie waarschijnlijk goed is, of dat er reden is om het onder de aandacht te brengen.

 ‘Stap één is simpelweg checken: heb ik een probleem?’

Voor scholen die met hun ventilatie worstelen, is dat ook meteen de eerste stap. “Gewoon kijken: heb ik eigenlijk een probleem? Dan heb je ook meer handvatten om ergens naartoe te gaan.”

Hulp bij aanschaf, maar geld blijft lastig

Ook bij de aanschaf van nieuwe installaties helpt het onderzoek, omdat verschillende typen ventilatie en luchtreinigers zijn getest. Het financiële deel blijft wel een groot probleem. Er is een soort volgorde waarin scholen worden aangepakt, en daarin ben je afhankelijk van anderen. “Maar met dit onderzoek kun je in ieder geval aantonen dat ventilatie een ontzettend groot effect heeft.”

Ontstaan tijdens corona

Het onderzoeksprogramma is tijdens de coronapandemie ontstaan. Bij aanvang van de corona pandemie vonden mensen ventilatie wel belangrijk, maar er lag weinig focus op. “Toen werd het ineens heel belangrijk. Scholen gingen luchtreinigers aanschaffen en andere dingen doen. En dus kwam de vraag: hoeveel helpt dit nou eigenlijk? En wat moeten we doen om het bij een volgende pandemie beter op orde te hebben?”

TNO startte en participeerde daarom in een aantal grote onderzoeksprogramma's over ventilatie, luchtreinigers en hun effect. Eén daarvan richt zich specifiek op klaslokalen. Daarin werd onder meer met computermodellen berekend hoe deeltjes zich in een ruimte verspreiden, en werd er gekeken naar infectierisico’s. “Maar we zijn ook echt de praktijk in gegaan. We hebben in een tiental klaslokalen gemeten, met verschillende ventilatieopstellingen.”

Een specifiek programma voor scholen was nodig, omdat een klaslokaal heel anders wordt gebruikt dan bijvoorbeeld een zorggebouw. “Een zorggebouw is 24/7 actief, maar veel minder druk bezet. Scholen worden vooral op bepaalde uren gebruikt, maar dan wel heel intensief. Dat maakt een groot verschil voor wat er aan ventilatie nodig is.”

Daardoor waren juist in scholen luchtreinigers interessant, en werden ze daar ook soms door scholen aangeschaft. “Iedereen kocht ze, maar eigenlijk had niemand een idee of ze echt al die virussen uit je klas haalden.”

Aandacht ebt weg

Toch blijft het lastig om scholen met de resultaten te bereiken. Het project werd uitgevoerd samen met veel verschillende partners uitgevoerd, zie hiervoor ook de website van CLAIRE – Clean Air for everyone. “Maar de scholen zelf bereiken is ontzettend lastig. Het project begon op een moment dat het onderwerp mega belangrijk was. Zo’n project duurt een paar jaar, en langzaam ebt de relevantie bij de overheid weg. Nu staan andere onderwerpen bovenaan, zoals netcongestie.”

Duurzame & Gezonde Scholen Congres

Tijdens haar sessie op het congres zet De Lange de belangrijkste conclusies op een rij: ventilatie helpt enorm om de verspreiding van (virus)deeltjes te verwijderen, mits de lucht goed wordt verdeeld en er voldoende schone lucht wordt toegevoerd. Daarna geeft ze praktische handvatten mee, met de nadruk op de eerste stap: hoe beoordeel je of de ventilatie in jouw school voldoende is?

Benieuwd naar haar inzichten? Anneloes de Lange spreekt op het Duurzame & Gezonde Scholen Congres op woensdag 4 november in De St@art van Apenheul in Apeldoorn. Op hetzelfde congres geeft journalist Floor Milikowski een keynote over de school als hart van de buurt, en presenteert scholenbouwexpert Sibo Arbeek voor het eerst zijn analyse van bijna 500 scholenbouwprojecten.

Bekijk ook de rest van programma en meld je aan >>