Architectuur als sociaal weefwerk

maandag 20 april 2026
timer 6 min

Voor de rubriek Bouwiconen reizen we af naar Ivry-sur-Seine, net buiten Parijs, waar interieurarchitect Elise Zoetmulder haar inspiratie vond in Le Liégat van de Franse architect Renée Gailhoustet. Het sociale wooncomplex laat zien hoe radicale, menselijke stadsontwikkeling en collectief wonen samenkomen in een gelaagde betonnen structuur waarin architectuur, landschap en dagelijks leven in elkaar overvloeien.

Bouwiconen 

Het meest inspirerende gebouw van… 

Naam: Elise Zoetmulder  

Bureau: ZOETMULDER 

Projecten: IKC Meeroevers Groningen, Interieur Limburgs Museum Venlo, KC de Velduil Houten, Woningrenovatie Maastricht, Monday Mugs, Westerschans 1B 

Info: Voorzitter Beroepsvereniging Nederlandse Interieurarchitecten, 3de Jonge architectenprijs 2017, 2de betonprijs 2021 

Le Liégat 

Het gebouw dat mij afgelopen periode heeft geïnspireerd, is Le Liégat van Renée Gailhoustet in Ivry-sur-Seine (Parijs). Ik ontdekte het via mijn broer, Anton Zoetmulder, die onderzoek deed naar Jean Renaudie, Gailhoustets partner in zowel werk als privé. Renée Gailhoustet (1929–2023) was een invloedrijke, maar lange tijd ondergewaardeerde Franse architect en stedenbouwkundige. Ze stond bekend om haar radicaal vernieuwende sociale woningbouw in de Parijse banlieues. Haar werk, met meer dan tweeduizend gerealiseerde woningen, vormt een bijzonder alternatief voor het modernistische denken dat in de decennia na Le Corbusier domineerde in Frankrijk. In plaats van standaardisatie en scheiding van functies, streefde Gailhoustet naar vloeiende, humane woonomgevingen, waarin collectiviteit, diversiteit en sociale interactie centraal staan. 

Toen ik haar projecten voor het eerst zag, was ik vooral onder de indruk van het feit dat zij dit allemaal voor elkaar kreeg als vrouwelijke architect in de jaren tachtig, in een politiek geladen context, en binnen de sociale woningbouw. Haar werk voelde intuïtief activistisch, maar tegelijk poëtisch. Dat wilde ik met eigen ogen ervaren, dus bezocht ik haar gebouwen en bewoners rond 2022 meerdere malen. 

Wat mij het meest raakt aan Le Liégat is niet de specifieke bouwtechniek, maar juist de manier waarop de bouwmethode volledig dienstbaar is aan haar visie. De betonnen hexagonale structuur, de terrassen, de diagonale zichtlijnen: alles ondersteunt haar idee dat wonen een culturele handeling is. Ze ontwierp geen ‘woonproducten’, maar leefwerelden. Ze creëerde woningplattegronden die niet standaard in systemen passen, maar wel passen bij mensen. Die benadering, architectuur als sociaal weefwerk, vind ik inspirerend. Zij ontwierp niet alleen dit gebouw, tot haar dood woonde ze er ook en ze legde aan bewoners uit hoe ze het gebouw konden gebruiken. Haar betrokkenheid en visie op de woonwijze betrof dus zowel het ontwerp als haar leefstijl. 

De grootste invloed op mijn eigen ontwerpgedachten zit precies in die verwevenheid. Door Le Liégat te bezoeken én bewoners te spreken, kreeg ik de tastbare bevestiging van iets wat ik als interieurarchitect ook aanvoelde: een sociaal interieur kan sociale stedenbouw versterken. De interacties die zij faciliteert, de ruimte voor ontmoeting, de overgang van privaat naar publiek: het werkt écht. Dat besef heeft mij handvatten gegeven voor discussies binnen de bouwopgave, waarin snelheid en standaardisatie vaak leidend zijn. 

Bij ZOETMULDER probeer ik dat gedachtegoed toe te passen. In woningbouwprojecten besteed ik extra aandacht aan de plint, de plek waar de stad en het wonen elkaar raken. In projecten voor particulieren stel ik vaak vragen over de relaties binnen het gezin: hoe bewegen zij samen, waar ontmoeten ze elkaar, hoe kan een huis dat ondersteunen? Dan ontstaan voorstellen zonder strakke grenzen, zonder traditionele gangen, maar met vloeiende verbindingen. Met deze denkwijze kunnen de vakgebieden landschap, stedenbouw, architectuur en interieurarchitectuur echt integraal toegepast worden. Deze denkwijze heeft zijn wortels in wat ik in Ivry heb ervaren. 

Natuurlijk zijn er meer architecten die mij inspireren, maar Gailhoustet blijft voor mij het voorbeeld van hoe je met visie, durf en menselijkheid onze gebouwde omgeving écht kunt veranderen. 

Voor de volgende aflevering in deze rubriek nodig ik graag Sofie van Brunschot (Architectuur Instituut Rotterdam) uit.

Bronvermelding afbeeldingen:
Afbeelding Elize Zoetmulder: Kelly Alexandre
Afbeelding Le Liégat: Elize Zoetmulder

Dit bericht is eerder gepubliceerd in Stedebouw & Architectuur #2 - thema Gebiedsontwikkeling Deze is voor abonnees te vinden in onze bibliotheek.

Of bekijk de speciale Sneak preview!

Blijf nog beter op de hoogte van al ons nieuws en abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief van Stedebouw & Architectuur.

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Lazy-loading is enabled for both <img> and <iframe> tags. If you want certain elements skip lazy-loading, add no-b-lazy class name.

Meer artikelen met dit thema

descriptionArtikel

Schoonheid van duurzaamheid en duurzaamheid van schoonheid

1 jul 2024

In de rubriek Bouwiconen vervolgen we met Ferry in 't Veld, die zich liet inspireren door de verhoudingenleer…

Lees verder »
descriptionArtikel

Jimmy van der Aa trapt af met Peter Zumthor

27 mrt 2024

In onze nieuwe rubriek Bouwiconen vragen we een Nederlandse architect naar het werk dat hem of haar veel…

Lees verder »