Nieuws

Leren van Kopenhagen: binnenstad ontworpen als een goed feest

De stad weer teruggeven aan de inwoners. Dat is een van de thema’s in de key note van Gert-Jan Hospers op 22 april tijdens de dag Ruimte & Stad in de Week van de Openbare Ruimte in Putten. Gert-Jan Hospers is docent en onderzoeker Economische Geografie aan de Universiteit Twente en bijzonder hoogleraar City- en Regiomarketing aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

 

Hospers is voorzitter van Stichting Jane, die het gedachtengoed van de Amerikaanse stadsactiviste Jane Jacobs propageert en hij maakt deel uit van het wetenschappelijk comité van Cittaslow International.

 

Fan van Kopenhagen

Hospers is fan van Kopenhagen, volgens het Britse lifestyleblad Monocle ‘de meest leefbare stad ter wereld’. In zijn key note gaat Hospers op zoek naar wat die stad zo bijzonder maakt. En hoe dat in het beleid vorm heeft gekregen. Kopenhagen is op menselijke maat gebouwd. Jan Gehl, een plaatselijke architect, overtuigde het stadsbestuur ervan dat de stad niet gemaakt is voor auto’s, maar voor mensen. Alle 18 pleinen in het centrum zijn nu autovrij – ze zijn een place to be geworden.


Inzicht in het stadsleven van alledag 

“Vanachter een bureau kun je geen goede steden bouwen,” zegt Gehl. Inzicht in het stadsleven van alledag krijg je alleen als je de straat opgaat en het gedrag van mensen ter plekke observeert. Volgens Gehl is een goed ontworpen binnenstad als een goed feest: we blijven ‘hangen’ omdat we het er naar onze zin hebben. En dat het zo werkt, laat de binnenstad van Kopenhagen zien.

 

De stad benaderen ‘op ooghoogte en met vijf kilometer per uur’

“Willen we de dynamiek van het straatleven begrijpen,” stelt Gehl, dan moeten we de stad benaderen ‘op ooghoogte en met vijf kilometer per uur’: de ruimte zoals we die ervaren als we er doorheen lopen. Steden ontwerpen aan de hand van dit principe maakt ze niet alleen mooier, maar – als we Gehl mogen geloven – ook levendiger, veiliger, duurzamer en leefbaarder.

 

Een enfant terrible in de wereld van stedenbouw en architectuur 

Met zijn visie is Gehl een enfant terrible in de wereld van stedenbouw en architectuur. Hij verwijt zijn collega’s dat ze last hebben van het ‘Brasilia-syndroom’: ze ontwerpen plekken die er op de maquette aantrekkelijk uitzien, maar ze houden geen rekening met de mensen die er gebruik van moeten maken.

 

De gemeente Kopenhagen heeft goed naar Gehl geluisterd. Dat zie je meteen aan het grote aantal voetgangerszones en fietspaden in de stad. Ze worden veel gebruikt: 36% van de bezoekers van de binnenstad komt met de fiets, 35% te voet of met het openbaar vervoer. Hoe je dat doet? Hoe je van je stad een succes maakt? Kom en luister naar GertJan Hospers op 22 april tijdens de dag Ruimte & Stad in de Week van de Openbare Ruimte.

Deel dit artikel