Nieuws

Integrale ontwerpvisie op verkeer en openbare ruimte

Het ontwerpen van een openbare ruimte die bereikbaar is en aantrekkelijk, een ogenschijnlijk eenvoudige opgave, zeker in een land waar polderen (iedereen mag meepraten) endemisch is. Toch gaat het nogal eens mis, die integrale visie komt niet goed van de grond omdat de disciplines verkeerskunde en stedenbouw op gespannen voet met elkaar staan. Het bij elkaar brengen van die twee disciplines is de uitdaging voor de komende jaren.

 

Jeroen Mensink, auteur van de pas verschenen NAi uitgave ‘Stromen en verblijven - Naar een integrale ontwerpvisie op verkeer en openbare ruimte’ gaat tijdens de Week van de Openbare Ruimte in op wat de disciplines uiteendrijft en hoe ze weer bij elkaar zijn te brengen? Dat is niet eenvoudig. De twee kijken fundamenteel anders naar het ontwerp van de openbare ruimte.

Voor de verkeerskundige is een straat vooral: doorstroming, veiligheid, verkeersnetwerken en handboeken met voorschriften. De stedenbouwkundige daarentegen let op verblijfskwaliteit, materialisering, stadsplattegrond en maatwerk.

Marc Verheijen, lector ‘Infratecture’ aan de Hogeschool van Rotterdam, is verkeerskundige en architect. Hij belichaamt dus beide disciplines, en geeft tijdens deze workshop aan hoe vanuit een integrale visie verkeer en openbare ruimte op elkaar aan moeten sluiten. In zijn visie staat de menselijke mobiliteit en hoe men zich door de stad beweegt centraal. “Niets is zo belangrijk als de ambiance. Met welk gevoel bereik je een plek? Ontwerpen aan de openbare ruimte is stad maken.” Arie de Bie van de gemeente Zwolle, geeft aan hoe Zwolle de kloof heeft gedicht en functional ambiance vertaalt naar de praktijk.

Kijk voor meer informatie op de website van de Week van de Openbare Ruimte

Deel dit artikel