Nieuws

Beschermd gezicht Breda uitgebreid

De bescherming van het oude centrum van Breda wordt uitgebreid. De middeleeuwse stadskern is al beschermd, maar wordt uitgebreid met jongere stedenbouw. In een gezamenlijk besluit van de Ministeries van OCW en I en M wordt de bijzondere waarde ervan onderstreept.


Op donderdag 14 maart overhandigde Jan van de Voorde, plaatsvervangend directeur van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, namens de Minister van OCW, het besluit tot aanwijzing aan Selçuk Akinci, wethouder cultuur van de gemeente Breda.
 

Unieke stadskern

De nu aangewezen uitbreiding verbindt de twee oudere beschermde gezichten met elkaar, namelijk de oude binnenstad en de zuidelijke dorpskern Ginneken. Met de uitbreiding van het beschermde stadsgezicht wordt voortaan een groot aantal nieuwe straten uit de bouwperiode 1850-1940 toegevoegd aan het beschermde stadsgezicht. Het gaat om voormalige militaire terreinen, het singelgebied en verschillende historische verbindingswegen.
 
Jan van de Voorde:“De middeleeuwse stad Breda heeft zich ontwikkeld tot een moderne middelgrote stad met een belangrijke regionale functie. Breda is ook een belangrijke vestingstad geweest en de overblijfselen van al die ontwikkelingen zijn van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarden. Alle reden voor aanwijzing tot beschermd gezicht.”
 

Wat houdt de bescherming in?

De aanwijzing als rijksbeschermd stadsgezicht is vooral bedoeld om het historische karakter en stedenbouwkundige opzet van de stad te behouden. Selçuk Akinci, wethouder Cultuur van de gemeente Breda:“Niet elk pand komt in aanmerking voor een monumentenstatus, terwijl we toch het oorspronkelijke karakter van de militaire terreinen en verbindingswegen in de stad willen behouden.
 
De uitbreiding van het rijksbeschermde stadsgezicht is daar een prima instrument voor. Want het verhaal van de ontwikkeling van onze stad is niet alleen af te lezen aan de monumentale gebouwen, je vindt dat verhaal ook terug in de structuur van de straten en lanen en de vorm van de bebouwing. Vanaf nu kunnen we nieuwe ontwikkelingen ook beoordelen op de mate waarin ze passen in en zelfs bijdragen aan het historische karakter van de stad.”
 
De bescherming richt zich op het behoud van de cultuurhistorische waarde van een gebied als geheel. Het betekent niet dat er in het gebied niets meer kan worden (her)ontwikkeld. De bescherming betekent wel dat extra goed getoetst wordt of een nieuwe ontwikkkeling past in de historische structuur van de stad. Mits goed ingepast, kunnen nieuwe ontwikkelingen zelfs bijdragen aan het historische karakter van de stad

Deel dit artikel