Blog

De rol van en juiste plek voor mobiliteit in de samenleving

Mobiliteit lijkt vanzelfsprekend, maar wat gebeurt er als mensen niet of heel slecht contact kunnen maken, of als gedachten en goederen kunnen uitwisselen en ontmoetingen moeilijk of nauwelijks mogelijk zijn? Mobiliteit is één van de fundamentele waarden van het leven, en toch krijgen we het niet voor elkaar om het de juiste plek te geven in de samenleving, en in het onderwijs.

In deze blog laat ik zien dat mobiliteit (en het vakgebied dat tot nog toe naar de naam verkeerskunde luistert) een betere plek verdient. Dit maak ik duidelijk aan de hand van de primaire overlevingsvoorwaarden voor mens en milieu. Daar hoort communicatie in de meest brede zin bij. De sociale- en ook andere wetenschappen/disciplines geven hier interessante openingen voor. Vanzelfsprekend blijft er een belangrijke plek voor de traditionele verkeerskunde, maar dan wel in een nieuw jasje of in ieder geval vanuit een ander perspectief.

Hiervoor liggen zowel kansen als uitdagingen voor dit vakgebied. Integraliteit met haar meervoudige dimensies speelt hierbij een belangrijke rol. Gelukkig wordt de roep om integraliteit al steeds luider. Integraliteit en integraal denken, ook bij de zogenoemde primaire overlevingsvoorwaarden, levert ook voordelen.

Binnen het vakgebied heeft integraliteit ten minste zes dimensies. Een drietal daarvan wordt hieronder toegelicht. Hieruit blijkt dat mobiliteit een eminente en onmisbare positie in de samenleving inneemt en substantieel kan bijdragen aan welvaart, welzijn en geluk van individuen en dus aan een vitale mobiele en duurzame samenleving. Dit is tevens een positieve insteek van het vakgebied. En daar moeten we toch samen voor gaan.

Inleiding
In deze blog wordt met het vakgebied, niet alleen ‘verkeerskunde’, maar ook ‘mobiliteitskunde’ bedoeld, tenzij anders aangegeven. Met mobiliteit wordt gemakshalve het geheel van verplaatsingen (wel of niet fysiek), vervoer en verkeer bedoeld in termen van het driemarktenmodel.

Ik trek eerst een parallel tussen ruimteschepen en de aarde. Daarna volgt een aantal belangrijke thema’s aangaande het overleven. Daar past communicatie ook in. Vervolgens laat ik zien hoe breed integraliteit binnen het vakgebied opgevat kan worden en waarom integraal denken noodzakelijk is. En komt ten slotte tot mijn conclusie.

 Afbeelding 1: Moeder Aarde…..we zijn ook maar een ruimteschip

 

Moeder Aarde….we zijn ook maar een ruimteschip
Met afbeelding 1 wil ik deze blog beginnen. Als we een bemand ruimteschip of een International Space Station het heelal insturen, zorgen we voor een aantal essentiële zaken betreffende het overleven: de overlevingsvoorwaarden. Zo moeten binnen het ruimteschip onder andere het klimaat, milieu, de waterhuishouding en de binnenomgeving aan een aantal eisen voldoen met betrekking tot overleven. Een complete huishouding die op orde moet zijn. Daarin neemt de mens een centrale plaats in. De mens met een aantal behoeften, materieel, maar ook immaterieel. Een belangrijke immateriële behoefte is contacten onderhouden, informatie uitwisselen of ontmoeten. Kortom: communiceren met elkaar. De mens is niet gemaakt om alleen te zijn, zei Aristoteles al 400 jaar voor Christus. Een huishouding waar mensen niet of slecht met elkaar kunnen communiceren, is niet op orde.

Wat voor een ruimteschip geldt, geldt ook voor onze aarde, zie afbeelding 1. Ook daar moet de complete huishouding op orde zijn. Ecologie is het overkoepelend begrip. Ecologie komt van het Griekse woord ‘oikos’ dat huishouding betekent en ‘logos’ (studie, wetenschap). De ecologie (Bron: Wikipedia) ‘bestudeert de dynamiek van de wisselwerking tussen organismen, populaties of levensgemeenschappen (de biotische milieufactoren) en de relaties hiertussen en het niet-biologische milieu (de abiotische milieufactoren, zoals bijvoorbeeld klimaat, bodem en water). De biotische factoren zijn van invloed op de overlevingskansen van het individu of de populatie en op het verloop van de evolutie van de soort. Biotische factoren hebben, in tegenstelling tot abiotische factoren, altijd een biologische oorsprong.

Het huis, de huishouding en enkele belangrijke aandachtspunten hierbinnen

Wat hebben we in huis (1)?, hoe managen we dat (2)? en wat willen we in wezen bereiken om uiteindelijk te zorgen dat de huishouding van moeder Aarde op orde is en wordt gehouden (3)? Dit zijn de drie lagen die in de afbeeldingen 2 tot en met 4 hieronder zichtbaar zijn gemaakt. In afbeelding 2 wordt op de bovenverdieping van het huis, enerzijds het milieu getoond; zijnde het geheel van voorwaarden en invloeden die voor het leven van organismen (zoals mens, dier, plant) en voor levensgemeenschappen van essentieel belang zijn, en anderzijds de verscheidenheid aan levensvormen, zoals de biodiversiteit (Bron: Wikipedia).  Op de begane grond bevinden zich de andere dingen van waarde die we in huis hebben. In dit rijtje zit ook de communicatie tussen mensen. Het zijn de primaire overlevingsvoorwaarden, daarom ook primaire beleidsvelden genoemd. Afbeeldingen 3 en 4 spreken voor zich.

Afbeelding 2: Primaire “huishoudelijke zaken” = Mens en zijn Omgeving


Vergroting afbeelding 2 

Afbeelding 3: Waaraan meer besteden we aandacht?

Vergroting afbeelding 3

Afbeelding 4: Ultieme doelen

Vergroting afbeelding 4

In laag 1, afbeelding 2, is dus terecht een plek ingeruimd voor de immateriële behoefte van mensen aan communiceren. Een plek die tot nog toe voor mobiliteit onvoldoende zichtbaar is gemaakt. Onterecht. Immers, ‘het gaat in de meest brede zin om het faciliteren van de (oer)menselijke behoefte aan (en noodzaak tot) communicatie en uitwisseling als (over)levensvoorwaarde’ (Bron: Henk Goudappel, 2015). Een huishouding waar mensen niet of slecht met elkaar kunnen communiceren is niet op orde. Een communicatiebehoefte die leidt tot mobiliteit, zowel fysieke als digitale mobiliteit (sociale media, internet en dergelijke). Je hoeft niet altijd op het gewenste moment fysiek op pad te gaan om te kunnen communiceren.

Communiceren
Communiceren kan op velerlei terreinen, manieren en doelen van toepassing zijn:

a) organisaties intern beter laten functioneren (bedrijfsorganisatie)

b) organisaties naar buiten toe beter laten functioneren; vaak wordt dat vertaald naar alleen marketing

c) de samenleving beter laten functioneren.

Dit laatste is waar het vakgebied voor zou moeten staan: de communicatie faciliteren wanneer de ruimtelijke component aan de orde is; uiteraard rekening houdend met de negatieve aspecten van de fysieke mobiliteit (onveiligheid, luchtverontreiniging etcetera). Hier gaat het over communicatie met maatschappelijke doelen: welvaart en welzijn van alle individuen. Eigenlijk is er geen vakdiscipline die dit gebied helemaal claimt. Communicatiestudies en studierichtingen hierbinnen hebben het over de eerste twee terreinen. In eerdere publicaties heb ik aangegeven dat het vakgebied dan ook het communicatief systeem als vertrekpunt moet nemen, waarbij er heus een belangrijke plek is voor wat we tot nu toe het ‘verkeers- en vervoersysteem’ noemen.

Misschien moeten we eerder op zoek gaan naar communicatiepatronen (digitale en fysieke) en daarna pas naar verplaatsingspatronen. Hoe zien die er uit? Wie en wat zit daarachter en hoe kun je die beïnvloeden? Kun je met inzichten in de communicatiepatronen operationeel de (nadelen van de) fysieke mobiliteit beteugelen? Daar zou eigenlijk een integraal wetenschappelijk onderzoeksprogramma voor opgesteld kunnen worden. Een onderzoeksprogramma waarin dergelijke communicatieconcepten geïntegreerd, dus samen moeten leiden tot verbreding en verdieping van inzichten over mobiliteit.

In dit verband noem ik een paar bekende namen, vooral vanuit de sociale en aanpalende wetenschappen cq disciplines, zoals C.A. Doxiadis (de vader van het idee ‘Ekistiks’), John Urry en Mimi Sheller (‘The new mobilities paradigm’), Vincent Kaufmann (onder andere ‘Motility and family dynamics’) en Ole B. Jensen (onder andere ‘Urban mobility as meaningful everyday practise’).

Daarbij blijven natuurlijk belangrijk, maar dan duidelijk in een ander perspectief: de benodigde verkeerskundige vaktechnische kennis (‘rekenen’, ontwerpen en dergelijke), de beleidsmatige aspecten (de bijdrage van mobiliteit aan sociaal-economische vraagstukken) en het werken in multidisciplinaire teams.

Waarom claimen ‘verkeerskundigen’ dit communicatieterrein niet? Op zijn minst kan toch bekeken worden of en hoe interessant en belangrijk dit is voor de toekomst van het vakgebied en dus voor de samenleving. Meer over het ‘WHY’ van het vakgebied en ietsjes minder over het ‘WHAT’ en ‘HOW’. Wellicht wordt op zo’n manier het vakgebied ook aantrekkelijker voor aanstormende jeugd. Zo gedefinieerd en georganiseerd help je immers mee met het bouwen aan een vitale mobiele en duurzame samenleving door management van de levensvoorwaarden (afb 2 en 3) en met behulp van nieuwe gedragsinzichten. Dit is nu echt shaping society.


Afbeelding 5: Het totaal en de plek van mobiliteit (rechts)

Vergroting afbeelding 5

In afbeelding 5 staat het complete plaatje, gestructureerd, en in drie lagen. Waar mogelijk is met tekstkleuren aangegeven wat specifiek met people, planet en met profit te maken heeft. Zo zien we dat duurzaamheid, vertaald naar people, profit en planet, overal in verweven zit. Er zijn dus overal handvatten om duurzaamheid te bewerkstelligen en het toont tevens de integraliteit die te allen tijde betracht moet worden. Dit levert alleen maar voordelen op, om te beginnen efficiency bij het bedenken van interventies en maatregelen en dus efficiëntere inzet van middelen.

De afbeeldingen 2 tot en met 5 geven overigens wel de belangrijke thema’s, beleidsvelden, maar pretenderen niet volledig te zijn.

Integratie, een paar voorbeelden binnen het vakgebied zelf
In laag 2, afbeelding 3, (hoe managen we dat?) zien we dat het beleidsveld mobiliteit in beeld komt, als afgeleide van de behoefte aan communiceren, met als belangrijkste object van studie: bereikbaarheid. Nu wordt bereikbaarheid snel in verband gebracht met alleen de bereikbaarheid van bestemmingen. En dan ook nog vaak met profit in het vizier, waarmee de economisch belangrijke bestemmingen worden bedoeld. Gelukkig zien we steeds meer in dat bereikbaarheid vier dimensies kent, zie afbeelding 6. Ook hier is dan sprake van integrale benadering of op zijn minst een integrale uitgangspositie.

Afbeelding 6: Vier keer bereikbaarheid; alle vier even belangrijk

Vergroting afbeelding 6

Een integrale benadering laat ook beter zien wat mobiliteit betekent voor het vakgebied en voor de samenleving, naast alle andere voordelen van integraal denken. Op een rijtje:

* bereikbaarheid, zie afbeelding 6.

* geografie; buurt, wijk, dorp/stad/regio, Europa/mondiaal. Mobiliteit zit niet alleen op één schaalniveau.

* meespelende wetenschappen/disciplines naast verkeer en vervoer: sociale psychologie, economie, stedenbouw, planologie, technologie etcetera. Mobiliteit heeft met mens, maatschappij, ruimtelijke organisatie en techniek te maken. Dus niet alleen kijken naar verkeer of mobiliteit of techniek/technologie.

* meespelende beleidsvelden; Mobiliteit zit bijna overal, bij zorg, onderwijs of bij de zoektocht naar het juiste vestigingsklimaat. Ook daarmee hangt mobiliteit samen met andere beleidsvelden, evenals met milieu, energie, water, ruimte of met natuur en landschap. Er wordt ook wel gezegd: ‘bij mobiliteit moet je ook de kaders, de context erbij betrekken’.

* communicatie tussen mensen (personen en organisaties/bedrijven). Dat betekent niet alleen kijken naar het verkeers- en vervoersysteem, maar naar de behoefte van mensen aan ontmoeting, aan contacten onderhouden en dus aan communicatie. (zie afbeelding 7 waarin in feite de basisgedachte van het vakgebied wordt getoond). De alpha en omega van de verkeerskunde of hoe je het vakgebied ook noemen wilt. Hier begint het vakgebied, en zit ook het eind, want we werken voor mensen. Voor mensen die behoefte hebben aan communicatie. Dat zou het (nieuwe?) vakgebied op de een of andere manier moeten faciliteren. Anders gezegd: zorgen dat de huishouding van moeder Aarde op orde is.

Afbeelding 7: De basisgedachte

Vergroting afbeelding 7

* een zesde dimensie van integraliteit betreft het systeem van communiceren: (vervoer)modaliteiten -inclusief de digitale mobiliteit-, infrastructuur, organisatie en de mens en gebruiker van het systeem staan hierbij centraal. Mobiliteit is meer dan infrastructuur, auto's of bebouwde omgeving. Voor landwegen is dit in afbeelding 8 weergegeven. Maar zoiets is ook te bedenken voor alle deel-communicatiesystemen, die weer onderling interacteren, en dus integraal moeten worden benaderd. Een gewenste mobiliteit kan dus op verschillende manieren worden bewerkstelligd. Het zoekveld naar de meest efficiënte respectievelijk meest effectieve interventies en maatregelen wordt verruimd door integraal denken.

Afbeelding 8: Elementen verkeers- en vervoersysteem

Vergroting afbeelding 8

Conclusie
Integraal denken is dus essentieel om noodzakelijke samenhangen te zien en om efficiëntere interventies te bedenken. Daarnaast maakt integraal denken duidelijk welke cruciale rol is weggelegd voor mobiliteit en wat mobiliteit betekent voor de samenleving.

Bij dit laatste - de rol en betekenis - hangt een en ander ook af van of en hoe we de communicatie samen (integraal) met de andere beleidsterreinen zien als een essentiële overlevingsvoorwaarde èn of we het communicatief systeem als uitgangsbasis hanteren voor een wellicht vernieuwd(e kijk op het) vakgebied. Zo krijgen we het misschien voor elkaar om ‘onze’ essentiële mobiliteit, en daarmee ‘ons’ vakgebied een betere plek te geven in de samenleving.

Ik ben voorstander van deze premissen. We kunnen veel meer en er is,   ook op het gebied van onderzoek, veel meer te doen met dit vakgebied als het gaat om integratie en samen doen.

Integraal denken betekent vooral de samenhangen tussen het maatschappelijk systeem, het ruimtelijk systeem en het communicatief systeem steeds in de gaten houden en operationeel krijgen. Technologie, vooral de informatie- en communicatietechnologie speelt hierin een centrale rol. Evenals voertuigtechnologie, technologie van het organiseren van (ook digitale) communicatie (sociale media, internet, e.d.) en infrastructuurtechnologie (bijvoorbeeld infrastructuurontwerp, out-vehicle systemen e.d.), zie afbeelding 8. Ook met deze elementen moeten samenhangen structureel worden.

Het mag duidelijk zijn dat naar mijn indruk een dergelijke kijk op de rol en betekenis van mobiliteit een positieve insteek voor het vakgebied inhoudt, en imago-vergrotend werkt, in positieve zin. Dus, niet eerst en uitsluitend praten over problemen, zoals files, verkeersonveiligheid of ruimtebeslag, maar over de uiterst belangrijke rol die mobiliteit vervult in de samenleving en welke kansen en uitdagingen, en dus ook bedreigingen, er liggen voor dit vakgebied om bij te dragen aan welvaart, welzijn, geluk en aan alle andere zaken die te maken hebben met het op orde houden van de huishouding van moeder Aarde. Dit is nu shaping society, ook voor komende generaties! Daar moeten we toch samen voor gaan!



Dit artikel komt uit Verkeerskunde

Deel dit artikel