Blog

De brommobiel en de plaats op de weg

Vorige week kreeg ik twee interessante juridische verkeersvragen over de brommobiel. Wat is de juridische status van dit voertuig en waar hoort dit voertuig thuis? Wat is de plaats van dit voertuig op de weg?

Brommobiel is bromfiets

Juridisch gezien is een brommobiel een bromfiets. In artikel 1 RVV 1990 wordt een brommobiel aangemerkt als een bromfiets op meer dan twee wielen, die is voorzien van een carrosserie. Om het wat ingewikkelder te maken staat in artikel 2a RVV 1990, dat de regels van dit besluit - betreffende motorvoertuigen en bestuurders en passagiers van motorvoertuigen - in plaats van de regels voor bromfietsen, bromfietsers en passagiers van bromfietsen, mede van toepassing zijn op brommobielen en bestuurders en passagiers van brommobielen.

 

Brommobiel hoort op de rijbaan

De wetgever heeft er bewust voor gekozen om de brommobiel in het RVV 1990 onder de werking van de gedragsregels van motorvoertuigen te brengen. Dit betekent concreet het volgende. Ook al is de brommobiel juridisch gezien een bromfiets, toch hoort de brommobiel thuis op rijbaan. Artikel 10 RVV 1990 bepaalt immers het volgende. Andere bestuurders dan die genoemd in de artikelen 5 tot en met 8 (samengevat: fietsers, snorfietsers, bromfietsers, bestuurders van een gehandicaptenvoertuig en ruiters) gebruiken de rijbaan. Onder “andere bestuurders” vallen in dit verband: bestuurders van motorvoertuigen. Gelet op artikel 2a RVV en artikel 10 RVV 1990 hoort de brommobiel thuis op de rijbaan. Dat de brommobiel maximaal 45 km per uur mag rijden blijkt uit artikel 22 onder b RVV 1990. Enerzijds heeft de brommobiel de juridische status van een bromfiets, terwijl dit voertuig anderzijds in de praktijk een motorvoertuig (een auto) is. Dat laatste is ook niet zo vreemd, omdat de brommobiel ook het uiterlijk heeft van een kleine personenauto. De breedte bedraagt doorgaans circa 1,40 meter.


Binnen en buiten bebouwde kom

Nu vaststaat dat de maximumsnelheid van de brommobiel 45 km is, waar moet hij dan rijden? De brommobiel kan met gemak binnen de bebouwde kom van de rijbaan gebruik maken, mits hij zich aan de maximumsnelheid van 45 km per uur houdt. Maar buiten de bebouwde kom kunnen er problemen ontstaan. Als een brommobiel zich op de provinciale weg bevindt, waar de maximumsnelheid 80 km is, kan dat tot levensgevaarlijke situaties leiden. De brommobiel mag onder geen beding gebruik maken van de autoweg of de autosnelweg, omdat de minimumsnelheid voor een autoweg 50 km per uur is, terwijl de minimumsnelheid voor een autosnelweg 60 km per uur is. Uiteraard is het niet toegestaan, dat de bestuurder van een brommobiel gebruikt maakt van een rijbaan/weg buiten de bebouwde kom, waar het verkeersbord C9 staat: gesloten voor langzaam rijdend verkeer inclusief brommobielen. Maar wat nu, als dit verkeersbord C9 er niet staat?

 

Wel of niet op provinciale weg?

Er zijn om deze reden verkeerskundigen en wegbeheerders, die menen dat te allen tijde moet worden voorkomen, dat de brommobiel zich op de provinciale weg bevindt. Een brommobiel op de provinciale weg is een gevaar op de weg. Punt uit. Als zo’n brommobiel op de provinciale weg rijdt, moet hij per direct door de politie van de weggehaald worden. Ik vraag mij af of dat in elke verkeerssituatie echt nodig is. Zelf ben ik van mening, dat de wegbeheerder in de concrete situatie het beste kan nagaan of het al dan niet verantwoord is, dat de brommobiel van de provinciale weg gebruik maakt. Volgens mij is dit sterk afhankelijk van de volgende drie factoren, te weten:

1. Het overige verkeer op deze rijbaan (rijden er ook landbouwvoertuigen en tractoren op deze rijbaan of uitsluitend auto’s? Ergo: kunnen en mogen automobilisten verwachten, dat ook langzaam rijdend verkeer, zoals een brommobiel van deze rijbaan gebruik maakt?);

2. De breedte van de rijbaan, en;

3. De mogelijkheid om op een verantwoorde en veilige manier in te kunnen halen (het verloop van de rijbaan).

 

Gebruik maken van de meest geschikte plek

Als het in de concrete situatie, gelet op de hiervoor genoemde factoren, onverantwoord en gevaarlijk is dat de brommobiel van de provinciale weg gebruik maakt, lijkt het mij verstandig dat de wegbeheerder ervoor zorgt dat de bestuurder van de brommobiel gebruikt maakt van ofwel de parallelweg, indien aanwezig, ofwel een aangrenzend en breed genoeg gemengd fiets/bromfietspad. Maar zeker niet van een “gewoon” fietspad. Waar het naar mijn mening om gaat is, dat bestuurders van voertuigen, zoals in dit geval bestuurders van een brommobiel, binnen de wettelijke grenzen, getrokken door de verkeerswet- en regelgeving, gebruik maken van de meest geschikte plek, en wel op een zodanige manier, dat deze bestuurders gezamenlijk met de overige weggebruikers op een veilige en verantwoorde manier aan het verkeer kunnen deelnemen.


Zolang het niet verboden is dat de bestuurder van een brommobiel zich buiten de bebouwde kom op de provinciale weg bevindt, staat er volgens mij niets aan in de weg om in een concreet geval toe te staan dat de bestuurder van de brommobiel van de provinciale weg gebruik maakt. Dat laatste doet een dringend beroep op zowel de bestuurder van de brommobiel als de overige weggebruikers om terdege rekening met elkaar te houden en vooral zelf goed op te (blijven) letten! 



Dit artikel komt uit Verkeer in Beeld

Deel dit artikel