Blog

Reactie op het artikel 'Toegankelijk ov tussen wal en bus?'

Vincent Harte, Delft Infra Advies B.V.

Goede alternatieven

Het gebruik van het openbaar vervoer, door mensen met een zichtbaar hulpmiddel, blijkt nog zeer gering te zijn, zo wordt geconstateerd in het artikel ‘Toegankelijk openbaar vervoer tussen wal en bus' in Verkeerskunde 5. Het artikel doet geen uitspraken over de mogelijke oorzaken van het geringe gebruik. Als rolstoelgebruiker reis ik met verschillende vormen van openbaar vervoer en zie ik de mogelijke oorzaken helder voor me.

 

De groep rolstoelgebruikers is zeer divers en verschilt zowel naar omvang van de rolstoel als naar fysieke mogelijkheden. De meeste elektrische rolstoelen zijn bijvoorbeeld te groot om in de bus te kunnen manoeuvreren en de eigenaren daarvan vallen daarom af als reiziger van de toegankelijke bus. Het zelfstandig betreden van de bus met een handbewogen rolstoel via een rolstoelplank vraagt ook behendigheid. Niet elke rolstoelgebruiker beschikt over de noodzakelijke hand/armfunctie. Als potentiële reizigers van de aangepaste bus blijven dan over de gebruikers van een handbewogen rolstoel met een goede conditie en voldoende hand/armfunctie. Deze groep is over het algemeen zelfstandig, staat midden in het leven en heeft vaak een baan. Dit is ook de groep die meestal een auto heeft, daarmee zeer onafhankelijk is en dan ook geen behoefte heeft om met het openbaar vervoer te reizen. De groep die geschikt is en interesse heeft om met de toegankelijke bus te reizen is dus beperkt.

 

Regiotaxi 

Een andere belangrijke oorzaak van het geringe gebruik van de toegankelijke bus door rolstoelgebruikers is dat de toegankelijke bus voor rolstoelgebruikers niet de enige wijze is om met het openbaar vervoer te reizen. Zeker in de grote steden is de regiotaxi een goed alternatief. Voordeel van de regiotaxi is dat deze in tegenstelling tot de toegankelijke bus deur-tot-deurvervoer biedt en is uitgerust met een lift, waardoor het de reizigers geen energie kost om in de bus te komen. De gesubsidieerde regiotaxi is ook goedkoper dan de toegankelijke bus, waardoor eenvoudig is te verklaren waarom de resultaten van het toegankelijk busvervoer minder tegenvallen als via de WMO een korting voor het openbaar vervoer verkregen kan worden. De financiële drempel vervalt dan immers.

 

Hoewel de reistijd van de regiotaxi door het combineren van ritten onzeker is en daarom soms lang duurt, weegt dat voor de meeste rolstoelgebruikers op tegen de problematiek van voor- en natransport bij busvervoer. Voor veel rolstoelgebruikers is dat, meer dan bij valide personen, een extra fysieke barrière. Bij rolstoelvervoer is de gehele vervoersketen van deur tot deur van groot belang. De regiotaxi biedt dit wel, maar de toegankelijke bus zelden.

 

Samenvattend is het onder de huidige omstandigheden zo, dat de beperkte groep rolstoelgebruikers die is aangewezen op collectief vervoer liever gebruik maakt van de regiotaxi omdat deze goedkoper is, deur-tot-deurvervoer levert en minder moeite oplevert bij het inrijden van het voertuig. Het lage gebruik van het reguliere openbaar vervoer door reizigers met een beperking lijkt dus niet gerelateerd te zijn aan het gebrek aan fysieke toegankelijkheid van haltes en materieel. Dit lijkt eerder veroorzaakt te worden door de aanwezigheid van goede alternatieven.



Dit artikel komt uit Verkeerskunde

Deel dit artikel