Artikel

Vertical in Sloterdijk Centrum: natuur in de stad

“Van Eesteren heeft dat in zijn AUP heel goed gezien. Het landschap diep de stad intrekken. Zo loopt een min of meer ononderbroken lijn van de Noord-Hollandse duinen via de Brettenzone en het Westerpark naar het centrum van Amsterdam.

Op de hittekaart van Amsterdam kun je goed zien wat die groene long doet met de temperatuur in de stad. Op de kaart is het een koele, groengekleurde zone. Met één obstakel, de rode prop ter hoogte van Sloterdijk. De nieuwbouw van Vertical, het eerste natuurinclusieve gebouwencomplex in Sloterdijk, moet helpen die blokkade weg te nemen, zodat Sloterdijk groen kleurt en de continuïteit van de ecologische corridor wordt gewaarborgd.”


Auteur: Wijnand Beemster

Beeld: NL Architects


Kamiel Klaasse en Walter van Dijk, van NL Architects, werken in opdracht van Heijmans Vastgoed bv, samen met Studio Donna van Milligen Bielke, Space Encounters en Chris Collaris, (en DS Landschapsarchitecten en De Dakdokters voor het ontwerp van de buitenruimten en de beplantingstrategie) aan Vertical, een complex van 144 woonunits, variërend in hoogtes (3-4-6 meter) en in vloeroppervlaktes (50 tot 220 vierkante meter), verdeeld over hoogbouw (twee woontorens) en laagbouw, met een ondergrondse parkeergarage voor 72 auto’s (inclusief 2 elektrische deelauto’s), en een inpandige fietsenstalling achter een glazen gevel (capaciteit voor 560 fietsen), en een plint met functies gericht op buurt en bewoners. BVO van het gehele complex is circa 25.000 vierkante meter.


Diversiteit

Het gebied rond Station Sloterdijk in Amsterdam-West verandert in snel tempo van een monocultuur (kantoren) in een gemengd woon- en werkgebied. Komende jaren zullen zo’n 1.500 nieuwe woningen worden gebouwd in het gebied. Vertical zet de eerste stap. DOOR Architecten, gevestigd in de Tuin van Brett, in Sloterdijk Centrum, maakte het stedenbouwkundig masterplan. Diversiteit was uitgangspunt en dat op alle niveaus. Qua doelgroepen, format en architectuur. “Heijmans wilde geen cosmetische diversiteit. Daarom zijn vijf verschillende architecten uitgenodigd, elk met een eigen palet. NL Architects coördineert de architectuur, wij zijn de overkoepelend architect die de samenhang in de gaten houdt. Dit in samenspraak met stedenbouwkundig supervisor Don Murphy, van VMX architects en namens de gemeente Amsterdam.”

Natuurinclusief ontwerpen

Een belangrijk uitgangspunt in het masterplan was ook dat niet alleen bewoners maar ook planten en dieren goed gedijen op deze plek. “Ontwerpen met oog voor de natuur is booming, je zou zelfs van een revolutie kunnen spreken. NL Architects is vertrouwd met dit thema. “Groene daken zoals bij ons project Verdana in Funenpark zijn uiterst succesvol maar bij nieuwe projecten wordt het dakvlak steeds vaker geclaimd voor PV-panelen. Gevelbegroeiing is een logische volgende stap.” We zijn fan van Wohnpark Alt Erlaa in Wenen, een van de grootste wooncomplexen in Oostenrijk. Zes hoogbouwgebouwen, in modernistisch idioom ontworpen, met een voet die parabolisch opklimt en die op de balkons is voorzien van beplanting.





Alt Erlaa is een inspiratiebron geweest voor het ontwerp van woongebouw De Klencke in Amsterdam Zuidas, door NL Architects. Het met een opvallend getrapt profiel uitgevoerde gebouw, in 2018 opgeleverd, heeft aan de zuidzijde, 2,1 meter diepe terrassen, met zicht op de tuinwijk Buitenveldert. Op de terrassen zijn (60 centimeter diepe) plantenbakken geïntegreerd in de vloer. Ze vormen een geheel met de horizontale vloerbanden rondom het gebouw.”

Medinacomplex

Klaasse is ook onder de indruk van het Medinacomplex in Eindhoven, ontworpen door Neave Brown in samenwerking met Van Aken Architecten (VAA), en opgeleverd in 1999. De ‘hangende tuinen’ van Medina verzachten het verharde stadscentrum van Eindhoven. Met nectar- en waardplanten voor vlinders, en volop schuil- en nestelgelegenheid voor vogels is het gebouw ook voor dieren een aantrekkelijke biotoop geworden. Bij een recent bezoek hoorde Klaasse jonge koolmezen in de nestkasten. Een plezierig geluid in een binnenstad, zegt hij. Van jongsaf vogelgek – ‘ik hoor de biodiversiteit’ – heeft hij een natuurlijke antenne om te signaleren of het goed gaat met een biotoop. Zo liep hij onlangs rond op de Zuidas en hoorde op het dak van het Circl paviljoen van ABN AMRO een zwarte roodstaart, een vogelsoort die in Nederland tot het begin van de vorige eeuw niet of nauwelijks voorkwam, maar zich nu blijkbaar thuis voelt in het rotslandschap van de Zuidas, net als de slechtvalk die hier ook broedt. “Meer vogels, daar word ik gelukkig van. Het is een signaal dat het goed gaat met de natuurlijke condities van een locatie.”

Meer mussen in Sloterdijk

Klaasse vervolgt: “Ik zie het als een belangrijke taak van de architect om plekken te ontwerpen waar niet alleen mensen, maar ook planten en dieren zich thuis voelen. Zoals Vertical, waar straks vogels en vlinders en insecten te vinden zijn die vanuit de duinstreek aan de kust via de Brettenzone ononderbroken door de huidige barrière van Sloterdijk verder de stad in kunnen trekken. De ambitie is de nachtegaal weer de stad in te leiden. Maar als we met Vertical meer mussen in Sloterdijk krijgen, dan weet ik dat het project is geslaagd.” Om dat voor elkaar te krijgen, en om de diversiteit in nestelgelegenheid en voedselaanbod niet alleen voor vogels maar ook voor insecten te vergroten, is ervoor gekozen om de flora en fauna van het Brettenlandschap door te trekken in de gevels en daktuinen van het gebouw.


Elke woning heeft een eigen tuin, met per verdieping en oriëntatie afgestemde beplanting. De gestapelde woningen zijn voorzien van een Polderdak-systeem volgens het ontwerp van De Dakdokters waardoor regenwaterbuffering wordt gekoppeld aan de irrigatie van de beplanting. Door het uitrollen van het ‘Brettenkleed’ met natuurlijke plantensoorten uit de Brettenzone, werkt het dak als fourage voor vogels en insecten.”


Op andere plekken maakt het groene dak deel uit van de publieke ruimte. “Zo staat een gestapelde villa, van Space Encounters, met een gevel van aluminium losagnes op een groen dak, net als de tuinlofts die wij hebben ontworpen, gesitueerd op het groene dak van de onderliggende woningen.” Collectief groen bevindt zich ook op de zesde verdieping, waar de onder- en bovenbouw (toren van NL Architects) samenkomen in Vertical East. Deze verdieping, bedoeld voor ‘shared living’, met een huiskamer en keuken, een yogaruimte/gym, logeerkamers, en vergaderruimte voor alle bewoners, heeft een gemeenschappelijk groendakterras.


Hittestress

Bomen en planten hebben heel veel meerwaarde. “Mensen worden gelukkig van veel groen in hun omgeving. Niet alleen het welbevinden gaat omhoog. Natuur maakt steden gezond. Hittestress bijvoorbeeld – een van de onderschatte doodsoorzaken in steden – kun je met groen reduceren. Nu we in Nederland steeds kleinere wooneenheden bouwen, gesitueerd aan een corridor, en cross ventilatie - ramen tegenover elkaar open zetten – daardoor niet meer mogelijk is, is beplanting een oplossing om de omgevingstemperatuur in de stad te verlagen”.

Razend complex

Met zijn eerdere uiteenzetting over de groene daken en de situering van wooneenheden daarop illustreert Van Dijk tegelijkertijd de complexiteit van het Vertical. “Gebouwen van verschillende architecten staan in dit complex niet alleen naast elkaar maar ook boven elkaar. De woontoren van Donna van Milligen Bielke is gestapeld op de plint met loftwoningen van Chris Collaris. De kolommen van de woontoren steken dwars door deze plintwoningen, wat hem uitdaagde tot het maken van wel heel bijzondere, gelaagde plattegronden.


Van Dijk: “In lijn met het masterplan hebben we architecten bewust veel ontwerpvrijheid gegeven, om zo een rijk palet te verkrijgen. De diversiteit is organisch gegroeid, met NL Architect op de achtergrond om de coherentie te bewaken. Het voordeel van de inzet van meerdere architecten is dat de diversiteit niet alleen cosmetisch is, maar ook typologisch. Elk ontwerp weerspiegelt de eigen denkwijze van de architect.”


Energieconcept

Het installatieconcept van Vertical, door Fore, is gericht op energiereductie. Die is bereikt door optimale oriëntatie van de twee torens, schilisolatie, centrale warmteterugwinning, en gebruik van warmte-/koudeopslag (WKO). Op het dak is een vier meter hoog staketsel voorzien dat technische installaties aan het oog onttrekt. Rondom deze opbouw zijn vier evenwijdige banden met vinnen gesitueerd en voorzien van PV-panelen. Op het dakvlak van het staketsel bevinden zich ook weer PV-panelen. Hier komen ook circa 10 windturbines, die bijdragen aan de eigen energieproductie van Vertical.


Met de keuze van de beglazing is ook uiterste zorg besteed aan de akoestische isolatie. Van Dijk: “Rondom Vertical heb je uiteenlopende geluidsbronnen: treinverkeer, industrie, haven, autoverkeer. We hebben een vlekkenplan gemaakt van de verschillende bronnen. Per bron is de beglazing gedefinieerd; hoogte van de borstwering, al dan niet een serre of een coulissendemper.” Klaasse: “Maar wat een genot, dat als je je raam open zet je vogels hoort zingen. En dat je ’s ochtends wakker wordt met het gezoem van een hommel.”


Dit artikel is verschenen in Stedebouw en Architectuur 03/2019, thema Gevels en Daken. Lees meer van Stedebouw en Architectuur in onze bibliotheek

Deel dit artikel