Artikel

Een gebouw stort niet in door één constructiefout

De instorting van de parkeergarage in Eindhoven is niet de schuld van één desastreuze constructiefout, denkt Ton van Beek van kwaliteitsborger SKG-IKOB. Hij richt zijn pijlen liever op de veelomvattende bouwprocessen. “Bouwen is tegenwoordig niet alleen maar bouwen, het is een industrieel proces.”

De rapporten van TNO en Hageman zijn helder: de instorting van de parkeergarage in Eindhoven is het gevolg van constructiefouten. Heel kort geconcludeerd: de betonnen breedplaten – gemaakt van zelfverdichtend beton – waren niet ruw genoeg om te hechten met het ter plaatse gestorte beton. Als gevolg van die uitkomst werden meerdere gebouwen gesloten, omdat de betonvloer daar ook mogelijk gevaarlijk is. “Maar”, zo waarschuwt Van Beek, “ik heb nog nooit een constructie meegemaakt die door één fout is ingestort.”

Randen van de techniek

Van Beek kan het weten. Als technisch manager van SKG-IKOB runt hij het laboratorium waar testen worden uitgevoerd met cement, zand en grind, isolatiematerialen én beton. Volgens Van Beek is de oorzaak van de gevaarlijke betonvloer niet zo eendimensionaal als nu wordt neergezet in de media. Het is niet alleen een constructiefout, betoogt hij. Het is meer dan dat. “We willen tegenwoordig steeds groter en mooier bouwen. Door die bouwambitie worden de randen van de techniek opgezocht. Kijk maar eens hoeveel ketenpartners moeten samenwerken. Je hebt opdrachtgevers, ontwerpers, toeleveranciers, aannemers, onderaannemers en ga zo maar door. Hoe complexer de opdracht, hoe meer fouten op de loer liggen.”

Kwaliteitswaarborging in hele keten

Met bijkomende zaken als tijdsdruk, duurzaamheid en veranderende opdrachten staat ieder bouwproject onder volledige hoogspanning. “Bouwen is tegenwoordig niet alleen maar bouwen, het is een industrieel proces.” Juist in een aaneenschakeling van processen is het belangrijk dat er per processtap voldoende toezicht en controle is. “Regels zijn er niets voor niets.” Moeten er dan meer controles komen? Niet per se, vindt Van Beek. “Maar laten we maar eens beginnen met alle regels na te leven. Als je aan kwaliteitswaarborging doet, doe het dan in de hele bouwketen.” Veelzeggend is dat de wet kwaliteitsborging voor het bouwen nog altijd niet door de Eerste Kamer is.


In het complexe bouwproces kunnen tal van fouten sluipen. Dat begint al bij de materiaalkeuze. “Het materiaal kan wel goed uit de fabriek komen, maar misschien is het wel niet het benodigde materiaal zoals vastgelegd in het ontwerp. En dan de kennis: weet de uitvoerder of het geleverde materiaal voldoet aan de gestelde eisen voor het ontwerp?” Denkend vanuit het perspectief van een bouwvakker: wat te doen met verkeerd geleverd materiaal? “Houd je je mond dicht en monteer je het – om het proces maar niet te verstoren? Of trek je aan de bel en laat je de baas ernaar kijken?”

Openbaarheid

Omdat aan ieder bouwproces tal van mitsen en maren zitten, raadt Van Beek aan om altijd een externe kwaliteitswaarborger in de arm te nemen. “Niet om te preken voor eigen parochie, maar juist om alle bouwprocessen te waarborgen.” De leerschool in Eindhoven is keihard, maar niettemin van groot belang. “De ontwikkeling van de proceskant is gewoon minder ver dan de productkant.” Van Beek is positief verrast over de snelheid waarmee de rapporten in de openbaarheid zijn gebracht. “Ik heb het nog nooit zo open meegemaakt. Een goede ontwikkeling. Nu kun je meteen actie ondernemen. Liever problemen weten en oplossen dan problemen negeren.”

Deel dit artikel