Artikel

Vogels en vleermuizen in de spouw

Voedsel, verblijf, voortplanting – in de Toolbox Natuurinclusief Bouwen die op 20 november gepresenteerd werd op het congres Natuurlijk in Olst, zijn dat de fundamenten van diervriendelijk bouwen.

De Toolbox informeert architecten, gemeenten, projectontwikkelaars en woningbouwcorporaties over alle aspecten van natuurinclusief bouwen. Als het gaat om voorzieningen voor vogels en vleermuizen in gevel en spouw, kunnen bouwers gebruik maken van entreestenen van bijvoorbeeld Vivare en Schwegler, van neststenen en van inbouwkasten voor vleermuizen van Swegler en Koninklijke Tichelaar. Baksteenfabrikant Hagemeister ontwikkelde recentelijk zes neststenen, op maat gesneden voor uiteenlopende vogel- en vleermuissoorten. 


Het nieuwe normaal, zo typeerde de jury van de prijsvraag Bouwen + Biodiversiteit jongstleden april natuurinclusief bouwen (NIB). Dat gebeurde tijdens het Nationaal Debat van Building Holland over het belang van NIB dat gehouden werd in de RAI. De duurzaam ontwikkelde woonwijk Kerkebosch in Zeist ontving er de prijs voor de ‘meest natuurinclusieve gebiedsontwikkeling’. 

Gedragscode  

Of NIB daadwerkelijk al het nieuwe normaal is, staat te bezien. Feit is wel dat NIB almaar breder uitwaaiert. Behalve de prijsvraag Bouwen + Biodiversiteit is er dit jaar bijvoorbeeld ook de Award Natuurinclusief Bouwen en Ontwerpen 2019, die eveneens NIB-projecten voor het voetlicht brengt. De uitreiking vond op 19 december plaats, op het Symposium Biodiversiteit en Leefgebieden in Den Bosch. Binnen Stroomversnelling is eveneens aandacht voor NIB. Sinds 2 januari 2018 hanteert men er de Gedragscode natuurincusief renoveren; woningen die energieneutraal gerenoveerd zijn en het NOM-keur van Stroomversnelling bezitten, worden automatisch voorzien van nestkasten voor vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen.   

Toolbox 

De nieuwe ToolboxNatuurinclusief Bouwen die op 20 november werd gepresenteerd, is ontwikkeld door de Vogelbescherming en de Zoogdiervereniging. De toollbox kan worden geraadpleegd via de website bouwnatuurinclusief.nl, en is een vervolg op de Checklist Groen Bouwen, eveneens van Vogelbescherming en Zoogdiervereniging. De checklist (checklistgroenbouwen.nl) biedt architecten en ontwikkelaars op gebouwniveau handvatten om natuurinclusief bouwen om te zetten in de praktijk. 

Bouwkundige aanpassingen  

Op de website van de Checklist Groen Bouwen (checklistgroenbouwen.nl) is het bieden van huisvesting aan dieren een belangrijk onderdeel van natuurinclusief bouwen. Op en aan gebouwen kan dat op twee manieren, aldus de website. Met bouwkundige aanpassingen kunnen spouwmuur, tussenspouw of gevelbetimmering toegankelijk gemaakt worden voor vogels en vleermuizen. Daarnaast reikt de Checklist Groen Bouwen producten aan om dieren aan en in gebouwen te huisvesten, van nestkasten die aan de gevel bevestigd worden tot voorzieningen in gevel of spouw. 

Producten aan en in de gevel 

Voor producten die zijn geïntegreerd in de gevel of toegang bieden tot de spouw, biedt het Bouwbesluit al sinds 1 januari 2012 de ruimte om in gevels openingen groter dan een centimeter aan te brengen, voor vleermuizen en andere dieren die beschermd zijn via de Flora- en faunawet. Daarbij geldt als voorwaarde dat er een vrije luchtspouw moet zijn van minimaal drie centimeter en dat minerale wol in de spouw een harde ruwe buitenlaag moet hebben, meldt de vereniging Koninklijke Nederlandse Bouwkeramiek (KNB) in zijn informatiebladen over nestgelegenheden voor vogels en vleermuizen. 

Ingemetselde kasten  

De meest toegepaste oplossing is het inmetselen van een nestkast in het buitenspouwblad. De KNB meldt dat keramische producten daarbij de voorkeur hebben omdat ze stabiliserend werken op temperatuur en luchtvochtigheid. In de nestkasten zelf zijn de klimaatcondities redelijk stabiel. Dat maakt ze voor bijvoorbeeld vleermuizen geschikter als kraam- en winterverblijfplaats dan kasten aan de gevel. 

Bewezen effectiviteit vereist 

Bij de Zoogdiervereniging onderstreept men, dat wanneer in Nederland een kast wordt gebruikt ter compensatie van een verloren verblijfplaats, deze vanuit de wettelijke voorwaarden bewezen effectief moet zijn. Of dat monitoring de functionaliteit aantoont, dan wel helder maakt dat andere en/of aanvullende maatregelen nodig zijn.  


Omdat zuiver wetenschappelijk experimenteel onderzoek naar kasten in gebouwen lastig is, zijn volgens de
Zoogdiervereniging alle stakeholders (overheid, ontheffingverleners, initiatiefnemers, aannemers, architecten, adviesbureaus, onderzoekers en beschermers) afhankelijk van het experiment in de praktijk. Dat maakt het toepassen van goede ontwerpen, gemaakt met alle kennis van dat moment (best practice), op een voldoende grote schaal en met adequate monitoring van groot belang - voor de vleermuizen en de bouwers, aldus de vereniging. 

Pleidooi voor het experiment 

De kennis en ervaring van dit moment laat echter ook zien dat de functionele kwaliteiten die vleermuizen lijken te zoeken in gebouwen zoals die voorheen gebouwd werden, moeilijk in een kast te vatten zijn. Volgens de Zoogdiervereniging is het daarom wellicht beter om gebruik te maken van de kansen die moderne gebouwen – vaak maar niet altijd – bieden. De Zoogdiervereniging pleit hier voor experimenten en adequaat monitoren. En voor onderzoek naar functionele kwaliteiten bij bekende verblijfplaatsen in gebouwen.

Voor uiteenlopende vogel- en vleermuissoorten  

Het aanbod aan nestkasten voor vogels en vleermuizen is relatief overzichtelijk. Vivare en Schwegler bieden bijvoorbeeld entreestenen aan, Koninklijke Tichelaar ontwikkelde een inbouwkast voor vleermuizen. Ook bij Swegler kan men voor zo'n inbouwkast terecht.   


Nieuw zijn de zes neststenen voor vogels en vleermuizen van baksteenfabrikant
Hagemeister.
De keramische nestkasten bieden een verblijfplaats annex broedgelegenheid in de spouw. De voorzieningen zijn op maat ontworpen voor specifieke vogelsoorten (onder meer gierzwaluw en huiszwaluw, mussen, mezen, winterkoning) en vleermuizen (dwergvleermuis, laatvlieger, grijze grootoorvleermuis en grootoorvleermuis). Dat maatwerk uit zich in een zeer uiteenlopende verschijningsvorm van de verschillende neststenen. 

Geschakelde nestkasten 

Hagemeister levert de neststenen in iedere gewenste baksteensortering. De bijzondere vormstenen worden in Nottuln bij voldoende projectgrootte op maat vervaardigd, zonder begrenzingen wat betreft kleur, oppervlaktetextuur of baksteenformaat.  


Hagemeister
ontwikkelde de neststenen in samenwerking met vertegenwoordigers van diverse Duitse natuurbeschermingsorganisaties, waaronder de NABU, met ornitologen en vleermuisdeskundigen. Zo zijn de vierkante vleermuisstenen binnenin bijvoorbeeld voorzien van een tweedeling uit cederhout, voor meer hechtoppervlak voor de vleermuizen. Inmiddels heeft Hagemeister ook een modulair systeem om de nestkasten voor vleermuizen te schakelen. Bij
een functie als kraamverblijf is relatief veel ruimte nodig. De KNB noemt daarbij schakelen in de hoogte en om de hoek van een gevel optimaal. 


Dit artikel is verschenen in de Innovatiecatalogus 2020. Lees meer van de Innovatiecatalogus in onze bibliotheek

Deel dit artikel