Artikel

Functioneren als een bos

Als je begint met duurzaamheid, kan het altijd beter. Dat is al vanaf de jaren 90 het credo van tapijtfabrikant Interface. In die tijd gooide oprichter Ray Anderson het roer om en transformeerde het bedrijf van een olie-intensief bedrijf naar een van de meest duurzame multinationals ter wereld. Nu is het tijd voor een volgende stap: gebouwen en de gebouwde omgeving gaan zien als een bos.

Auteur: Peter Bekkering 


Geanne
van Arkel is Head of Sustainable Development bij Interface. “Een van de lessen die we hebben geleerd in de afgelopen decennia is dat het enerzijds goed is om te beginnen met enorme ambities, maar dat je het anderzijds tastbaar en behapbaar moet maken door mensen handvatten te geven en de lessen van de natuur pragmatisch te maken. Want alleen daarmee krijg je iedereen mee. In je eigen bedrijf, maar ook in je eigen sector en zelfs in de samenwerking met andere sectoren.”

De lat steeds hoger

Tegelijkertijd gaat de lat steeds hoger. “We hebben onze CO2-footprint met 96 procent teruggedrongen en onze Europese productielocatie in Scherpenzeel draait volledig op hernieuwbare energie. Nu willen we nog een stap verder, namelijk dat onze fabriek gaat functioneren als een bos en gaat bijdragen aan een beter buitenklimaat. Net zoals onze tapijttegels bijdragen aan een beterbinnenklimaat. Ook de gebouwde omgeving zou moeten gaan functioneren als een bos.


Dat betekent dat je bij een gebouw en de gebouwde omgeving niet alleen kijkt naar het energieverbruik en naar de materialen die je gebruikt, en dus naar de CO2-footprint - en niet alleen met betrekking tot energie, maar voor alle materialen. Het betekent dat je nog een stap verder gaat. Daarbij kijk je naar de problemen die zich voordoen, zoals hittestress, wateroverlast, slechte luchtkwaliteit en beperkte biodiversiteit. Nu zijn oplossingen daarvoor vaak symptoombestrijding. Je neemt niet de oorzaak weg. Dat doe je wel als je bij steden het bos als concept hanteert en natuurlijke oplossingen als uitgangspunt neemt.


Met behulp van onder meer
biobased materialen en natuurlijke principes ga je dan gebouwen en een gebouwde omgeving creëren die lucht zuiveren, water absorberen, de omgeving koelen en habitat creëren. Je kiest kortom voor een holistische aanpak, die nu vaak ontbreekt. Want een gebouw en een gebouwde omgeving kan op deze manier zelfs een klimaatpositieve en regenererende impact op de leefomgeving hebben.” En die impact heeft ook directe invloed op de mens zelf, benadrukt Van Arkel. “Mensen voelen zich beter in zo’n omgeving.”

Ray Anderson lezing 

Van Arkel benadrukt dat iedereen hierin het verschil kan maken. “Onze laatste Ray Anderson lezing op 10 oktober gaf daarvan drie prachtige voorbeelden. Zo liet Isabel Boerdam, initiatiefneemster van de Nationale Week Zonder Vlees, zien waartoe de kracht van één individu kan leiden. De tweede spreekster, Jamaica den Heijer, vertelde hoe ze biomimicrygebruikt om de veranderingen binnen Heijmans in een versnelling te brengen om zo de bouw- en infrasector te verduurzamen. En Xander Kotvis, mede-oprichter van De Revolution Foundation, lichtte toe hoe je circulair festivals kunt organiseren.” 


En die oproep kun je ook doorvoeren als je kijkt naar het gebruik van gebouwen. “Nu staan veel kantoren nog grote delen van de tijd – ’s avonds en in het weekeind – leeg. Dus moet je over multifunctioneel gebruik gaan nadenken. En het gebouw als onderdeel van een geheel gaan zien. Net zoals in een bos alles met elkaar samenwerkt. In zo’n gedachtegang is
sharing essentieel. Want met alleen circulair ontwerpen ben je er niet. Je hebt dan nog steeds evenveel spullen nodig.”

Tomorrow'schild 

Daarom is het goed, aldus Van Arkel om – conform het credo van Ray Anderson – ‘to design withtheclimate in mind’. “En daarmee bedoelt hij niet alleen het klimaat als milieu maar ook het klimaat als leefomgeving.” Ze doet daarom een nadrukkelijke oproep naar de architect: “Kijk naar de consequenties van je ontwerp. Ray Anderson haalde daarbij vaak een gedicht aan dat een Interface-medewerker ooit schreef op basis van zijn filosofie, ‘Tomorrow’schild’. Ontwerp en neem beslissingen met het kind van morgen voor ogen. Als je dat doet neem je vanzelf slimme beslissingen. Bovendien helpt de natuur je erbij.” Dat hoeft bovendien niet duurder te zijn. “Zelfs als de aanvangskosten duurder zijn, zijn de onderhoudskosten dat vaak niet. En dan heb ik het nog niet eens over de gezondheidsvoordelen van een gebouw dat functioneert als een bos. Je moet kortom de opgave – zoals ik al eerder zei – als geheel zien. Dan gaat het zeker goed komen.” 


Dit artikel verschijnt in Stedebouw en Architectuur 05/2019, thema Scholenbouw. Lees meer van Stedebouw en Architectuur in onze bibliotheek. Wekelijks op de hoogte blijven van de ontwikkelingen op het gebied van stedenbouw en architectuur? Schrijft u zich dan in voor de nieuwsbrief. 

 

Deel dit artikel